Voor gastouders

Pedagogisch werkplan voor gastouders: wat moet erin en hoe pak je het aan?

Een pedagogisch werkplan beschrijft hoe jij als gastouder het pedagogisch beleid van je gastouderbureau in je eigen opvang uitvoert, en hoe je de ontwikkeling van de kinderen volgt. Sinds 1 juli 2026 is het voor iedere gastouder verplicht. De vorm is vrij: een tekst, een praatplaat of een video.

Waarom is een werkplan verplicht?

Het gastouderbureau schrijft het pedagogisch beleid. Maar de opvang gebeurt bij jou thuis, met jouw dagritme, jouw huis en jouw groep. Het werkplan maakt zichtbaar hoe dat beleid er bij jou in de praktijk uitziet. Ouders kunnen het lezen, de GGD kan het inzien en het is de basis voor je coaching. Lees meer over de nieuwe regels voor gastouders vanaf 1 juli 2026.

Wat moet erin?

De wet vraagt in ieder geval twee dingen:

  • Hoe je het pedagogisch beleid van het gastouderbureau in je eigen opvang uitvoert
  • Hoe je de ontwikkeling van de kinderen volgt

Daarbinnen werk je aan de vier pedagogische basisdoelen die sinds 1 juli 2026 ook voor gastouderopvang gelden: emotionele veiligheid, persoonlijke ontwikkeling, sociale ontwikkeling en het overdragen van normen en waarden.

Een voorbeeldindeling

Deze indeling is een handreiking, geen verplicht format. Je mag het kort houden en in je eigen woorden schrijven. Juist concrete voorbeelden uit je eigen opvang maken een werkplan sterk.

  1. Over mij en mijn opvang. Wie ben je, waar vang je op, welke leeftijden en hoeveel kinderen.
  2. Een dag bij mij. Je dagritme: brengen, spelen, eten, slapen, buiten, halen.
  3. Emotionele veiligheid. Hoe je zorgt dat een kind zich bij je op zijn gemak voelt, bijvoorbeeld bij het wennen of bij verdriet.
  4. Persoonlijke ontwikkeling. Hoe je kinderen uitdaagt met spel en materialen die passen bij hun leeftijd.
  5. Sociale ontwikkeling. Hoe kinderen bij jou samen leren spelen, delen en op hun beurt wachten.
  6. Normen en waarden. Je huisregels en hoe je die op een vriendelijke, duidelijke manier hanteert.
  7. Ontwikkeling volgen. Hoe je observeert, wat je bijhoudt en hoe je zorgen bespreekt met ouders en het bureau.
  8. Samenwerken met ouders. Overdracht bij halen en brengen, en hoe je afspraken maakt.
  9. Veiligheid en gezondheid. Je achterwacht, je huisregels rond veiligheid en hygiëne.

Praktische tips

  • Schrijf zoals je werkt. Een werkplan hoeft geen beleidsstuk te zijn. Beschrijf wat je echt doet.
  • Gebruik voorbeelden. “Als een peuter boos wordt, ga ik naast hem zitten en benoem ik wat ik zie” zegt meer dan een algemene zin.
  • Kies een vorm die bij je past. Een praatplaat met foto’s van je speelhoek kan net zo goed zijn als een tekst.
  • Houd het actueel. Verandert je groep of je opvanglocatie, pas het werkplan dan aan.

Zo helpt KoeKoeK je

Je staat er niet alleen voor. Anja Lutz, pedagogisch beleidsmedewerker van KoeKoeK, denkt met je mee en bespreekt je werkplan tijdens de coaching op je opvanglocatie. Wil je er een training over volgen? Bij JipKes Trainingen is er de training Pedagogisch Werkplan schrijven, en als gastouder bij KoeKoeK krijg je korting.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een pedagogisch beleidsplan en een werkplan?

Het beleidsplan schrijft het gastouderbureau, voor alle gastouders samen. Het werkplan schrijf jij zelf, voor je eigen opvanglocatie. Het laat zien hoe het beleid er bij jou in de praktijk uitziet.

Hoe lang moet een werkplan zijn?

Daar is geen eis voor. Een paar pagina’s met concrete voorbeelden is vaak genoeg. Belangrijker dan de lengte is dat het klopt met hoe je werkelijk werkt.

Heb ik een werkplan per opvanglocatie nodig?

Ja. Vang je op meerdere plekken op, bijvoorbeeld bij jezelf thuis én bij een gezin aan huis, dan maak je per locatie een werkplan.